Smell and the city

Smell and the city

Een zachte lichte maar ouderwetse geur komt voorbij. Herkenbaar van iets van vroeger. De geur van chemicaliën die zichzelf zo verweven hebben dat het aantrekkelijk is voor mijn neus. Fris en uitnodigend. De geur van de wasserette vult de hoek op de Oudegracht en geeft een huiselijk gevoel.

De stad hangt vol willekeurige geuren; vers brood, natte tegels, pisbakken, vis, een parfumerie. Je beleeft de stad behalve beeld en geluid vooral in geur, die sterke associaties naar herinneringen heeft. Zijn we ons daar wel bewust van als stedelijke ontwikkelaars? En wat kan je eigenlijk met die kennis voor het stedelijk design?

In de kunstwereld is beeld en geluid het primaire middel tot expressie. Daar is recentelijk een uitstapje naar geur gemaakt. Je kon tijdens de expositie #artsmellery in het Stedelijk museum namelijk de geur van kunst beleven. Kunst kan blijkbaar stinken, uitnodigen en verwonderen. Geurkunstenaar Hempenius bracht de schilderijen naar een nieuwe dimensie. Nu weten we hoe een Mondriaan ruikt, maar wat betekent geur eigenlijk voor een stad?

Voor wie geurkunst wat vaag vindt klinken: er is een hele business gebouwd op hoe mensen geuren beleven. Denk aan de huisgeur die grote ketens als Ikea, Zara en Abercrombie & Fitch door hun winkels verspreiden om bezoekers langer vast te houden. “Het idee is dat mensen die het lekker vinden ruiken in een winkel, langer blijven en daardoor meer kopen.”

Geur in de stad, daar doen eigenlijk alleen winkels en shopping malls aan. Maar we zouden in de openbare ruimte veel meer met geur kunnen doen. We kunnen bijvoorbeeld de keuze van bomen of planten bij specifieke architectuur laten afhangen van de geur. Of rustgevende geuren toepassen in ongure straatjes, om mensen onbewust meer op hun gemak te laten voelen. Of, wie weet, kan de juiste geur wel bijdragen aan het uitnodigen van bezoekers in die ene winkelstraat met veel leegstand.

Geurbewustzijn tijdens stedelijke ontwikkeling is de eerste stap. Zelfs tijdens het bouwen speelt geur een rol. ‘Ik hou van de lucht van vers beton in de ochtend. (…) De geur die hoort bij groei, vernieuwing, bij vooruitgang. Bij Rotterdam.’ Aldus Marcel Potters in zijn column in het Algemeen Dagblad van 19 september 2013 over de Markthal. Er zijn ook stadswandelingen die je de stad door geuren laten beleven. Gelukkig is er steeds meer onderzoek waaruit blijkt dat het belangrijk is om geur als element te betrekken bij de ontwikkeling van steden. Laten we als stedelijke vernieuwers verder ruiken dan onze neus lang is en deze innovatieve wind inzetten voor nog fijnere steden!